Ich bin ein Berliner

Ik heb vanmorgen Unter den Linden opgedaan – de geur van Berlijn. Gekocht in het winkeltje van Frau Tonis, vlakbij Checkpoint Charly.  Vlakbij een van die plekken waar geschiedenis een fotootje met glimlach is geworden, een herinnering voor het  album. Ik hou van Berlijn. Van de strengheid, de tegenstellingen, maar vooral van de creativiteit. Berlijn is oplossingsgericht, veranderingsbereid en gastvrij. Toen ik voor het eerst de stad inging had ze iets Zuiders: loofbomen in november, en de eerste kerstverlichting als zorgvuldig peper en zout ertussen gestrooid. Barcelona dacht ik. Maar het was zo anders. Doorleefd. Geladen ook. Toch is het gevoel dat me het meest is bijgebleven: verbondenheid. Beetje vreemd in een stad die zo lang gespleten was. Misschien is ‘verlangen naar verbondenheid’ juister? Die eerste keer ligt lang achter me, en de herinnering is niet meer wat ze was. Maar de liefde voor de stad is dat wel.
Ik wil vandaag in Berlijn zijn. De stad die met mij haar mooiste kant heeft gedeeld, ik wil ook haar verdriet delen. Het is het verdriet van ons allemaal. Hoe we tussen ingrijpend geweld hoop houden, vertrouwen bewaren. In onszelf en anderen. Hoe we tussen bekommernis en zorg, onze sterkte kunnen inzetten, mankracht en girlpower, om van verandering verbetering te maken, van bedreiging kracht. Misschien zal Berlijn de toon zetten. De geschiedenis heeft haar veel geleerd. Dat het nooit voorbij is, bijvoorbeeld. Maar dat er altijd hoop is. Angela, bitte, herhaal het vandaag: Wir schaffen das.

Engagement van het groot gelijk

Amerika kiest. Wereld houdt adem …  Alsof de Amerikanen na morgen met alle schuld en radeloosheid van de wereld moeten worden opgezadeld. Nee toch?
Is het niet wat hypocriet te denken dat de ramp zich elders voltrekt, dat de grote verantwoordelijkheid over de diepe oceaan ligt? Plots lijken de US écht de andere kant van de wereld…
Wat doen we zelf? Hoe ziet onze democratie er uit? De politieke dynastieën, de verhuiscarrousels, de bedekte potjes, de heilige huisjes, de platte demagogie, het gebrek aan nuance, aan lef,  misschien zelfs aan interesse in nieuwe samenlevingsvormen… nog even doorgaan?
En wij, kiezers, houden dat stembus na stembus in stand. Waarom? Omdat het systeem ons dwingt – net zoals over de plas. Is onze democratie dan niet even zielig?

Acht jaar Obama heeft een nieuw discours gebracht. Topklasse speechwriters. Topklasse performer. Maar kijk, de wereld blijkt dan toch niet veranderd, zie maar: de opvolgers moorden elkaar uit op faits divers… Think again. Laat ze.

Zweren we niet bij de Obama’s? Hebben we geen oprechte waardering voor hun parcours, alle contra-indicaties ten spijt? Wel dan.
Hope & Yes we can.
Het verhaal is niet af, het zijn nog maar een paar woorden. Taal schept. Voortschrijven is de boodschap, en alle Donalds en Hilary’s ten spijt, dat kan – moet – ook hier, in dat oude Europa van de grote waarden, aan de schoolpoort, aan de toog, aan de kassa in de supermarkt.
Amerika kiest. Laat ons onszelf niet verbergen achter het engagement van het groot gelijk.
Wij zijn van de wereld en de wereld is van iedereen.
Wat als we daar eens zouden naar handelen…?

Uit eerlijke verontwaardiging

Beste meneer Van Eetvelt,

Gisteravond mocht ik tijdens The Conference van Duval Union met vele anderen luisteren naar uw ambitieus en ook wel verrassend (Hoezo: change? bij Unizo?) verhaal.

Het speet me dan ook verschrikkelijk dat u plots in een pijnlijk cliché trapte. En ik voel me geroepen om dat te corrigeren. Mag ik heel even?

Ik ben 52. En vrouw. Helaas geen digital native. Ik heb mijn thesis nog op een tikmachine gemaakt, maar in de copycenter kon het met een floppydisc wel al afgedrukt worden op een ‘gaatjesprinter’. Ik ben van geboorte dus niet digitaal, maar wel normaal. De twee worden al wel eens met elkaar verbonden. Niet altijd terecht, vind ik persoonlijk, waar blijf je met de veelbesproken en intussen onmisbaar gebleken ‘human touch’? Dit geheel terzijde.

Het beeld van ‘de 300 vrouwen van 55+ die helemaal niet transformatie-minded’ zouden zijn, heeft me persoonlijk gekwetst. Goed, ik scoor daar 3 jaar onder, maar wat maakt dat voor verschil? Een groot deel van die vrouwen zijn moeders van jonge tieners en twintigers. Ze communiceren met hen via Whatsapp en Snapchat, helaas zijn ze meestal geen vrienden op Facebook – ‘mama, je hoeft toch niet alles te weten’ – maar ze maken wel vintagefoto’s met Instagram en pinnen mode-advies voor de dochters op Pinterest. On the job werken ze in de cloud, delen Google sheets op Google Drive, beheren hun projecten via Basecamp en managen hun time met Toggl. Niet altijd zonder moeite – we hebben inderdaad niet die aangeboren knoop – maar wel altijd met veel nieuwsgierigheid en veranderingsbereidheid. Waar haalt u het dan om (altijd?) op die groep te focussen die liever nog een permanent laat indraaien en supphose-kousen draagt? Ze bestaan, jawel, maar ze behoren waarschijnlijk niet tot de groep van vrouwen die – zoals ik – met ambitie en goesting de volgende 15 jaar van hun carrière hopen rond te maken.

Het meest pijnlijke is, meneer Van Eetvelt, dat u hiermee bevestigt wat zowat overal leeft: die vijftigers – en dan nog vrouwen! – daar kan je niks mee. Het leven is aan de dertigers. En dat is ook zo. Ik gun jonge mensen een schitterende carrière en ik zou hen vragen heel hard te werken, er voluit voor te gaan en het beste van zichzelf te geven. Dat is wat ik altijd heb gedaan – en wil blijven doen. Daarom ben ik een paar maanden geleden zelfstandige geworden: om te kunnen doen wat ik graag doe en waar ik goed in ben. En dat is alles wat te maken heeft met taal, tekst en communicatie. Een drastische carrièrewending op 52, ik weet het. Met volle overtuiging, al zou mijn vader-zaliger – hij was de plaatselijke beenhouwer, misschien wel lid van uw vereniging, ik heb het nooit geweten – mij hierin zeker niet hebben aangemoedigd. Een goed werk met veel congé laat je niet staan om voor jezelf te sloven. Zou hij misschien hebben gezegd. Maar hij is er lang niet meer en de tijden zijn veranderd – en veranderen nog steeds, zoals u gisteren zelf zei, aan supersonische snelheden. Ik wil vooral blijven meewerken aan een samenleving met zuurstof voor àlle generaties, ongeacht leeftijd, talent, afkomst. Werken tot 67 schrikt me niet af, mijn zelfstandig statuut is geen fin-de-carrière-plan maar een doorstart. Daarom wil ik kennis maken met nieuwe mensen, met mogelijke opdrachtgevers (in alle vertrouwen: ik heb nog geen werk) en durf ik al eens binnenlopen op een netwerkevent. Zoals gisteren. Ik doe dat, toegegeven, niet zo graag. Ook dat is een generatiekwestie: wie van ons – vrouwen van 52 – durft zijn eigen kwaliteiten prijzen? We hebben nederigheid geleerd, bescheidenheid en volgzaamheid. En daar zit je dan, op zo’n event, geboeid te luisteren, om te horen dat jij, de groep waartoe je behoort, niet veranderingsbereid zou zijn, uitblinkt in digitale onwetendheid en vastgeroest zit in conservatisme. Komaan, u bent een rolmodel, meneer Van Eetvelt, u kan dat niet maken.

Laat me u een eerlijk advies geven: ga voortaan niet meer zelf naar die vrouwengroepen. Besteed het uit. Zoek een vrouw uit die generatie, maak er peer-to-peer-ontmoetingen van. Vraag haar om, geruststellend en uitdagend tegelijk, het verhaal van de digitale transformatie te hertalen zodat élke groep dat kan verstaan. Het is niet alleen een hoogmoedig verhaal van carrièrebeluste mannen, het is ook een verhaal van ambitieuze moeders die een gids voor hun kinderen willen zijn, in de wereld zoals die is vandaag – een wereld in verandering (sic). Zelfs de vrouwen met permanent hebben waarschijnlijk een digibox. Zo digitaal zijn ze ook. En mijn vader… hij stond met verbazing te kijken op de eerste fax die bij zijn dochter, toen een jonge journalist, binnenliep. Hij was trots op mij, omdat ik helemaal mee was. Misschien zou hij het weer zijn. Omdat ik mijn gedrevenheid aanwend om mee te blijven. En anderen er toe te overtuigen. Ja, misschien moet dit verhaal ook maar eens aan de lokale slagers verteld…

Mag ik u een voorstel doen? Ik wil die vrouw zijn. Huur mij in. Zie wat ik waard ben. Veel heeft het niet om het lijf: niet tevreden, zo weer weg. Ik ben maar een zelfstandige. Maar ik beloof u er voor te zorgen dat u op conferenties àndere voorbeelden kan geven over vrouwengroepen van 55+, voorbeelden die helemaal passen in uw baseline: een Unizo dat zonder taboes en clichés de weg baant naar een ondernemersgezinde toekomst. Van zo’n Unizo wil ik ook lid worden.  De missie van Taal voor Straks, mijn bvba, is te zoeken naar die communicatie die het transformatieverhaal voor iedereen toegankelijk en verteerbaar maakt. Ik bied u graag mijn diensten aan en kijk uit naar uw reactie.

Met vriendelijke groet,

Hilde De Brandt